De huidige controverse toont aan dat gokreclamebeleid niet enkel kan worden beoordeeld door casinologo’s te tellen.
Op papier verdwijnen gokmerken stilaan uit de Belgische sport.
In de praktijk blijven de commerciële banden tussen de kansspelsector en het voetbal bijzonder sterk.
Veertien van de 18 onderzochte clubs dragen nog altijd een merk dat verbonden is aan een gokoperator, al verschillen de concrete relaties sterk van club tot club.
Tegelijk moet worden benadrukt dat niet elke vergunde aanbieder kiest voor indirecte merkstrategieën. CasinoBelgium.be, CasinoMagic, Ladbrokes en andere operatoren tonen dat de volledige sector niet over één kam mag worden geschoren.
De komende jaren worden daarom een belangrijke test voor zowel regulatoren als voetbalclubs.
België zal moeten bepalen hoe ver de reclamebeperkingen reiken buiten de hoofdnaam van een kansspelaanbieder, terwijl clubs zich moeten voorbereiden op een toekomst waarin klassieke goksponsoring steeds moeilijker wordt.
En ook na 2028 blijft één fundamentele vraag overeind:
Als maatschappelijke verantwoordelijkheid de maatstaf is voor sportsponsoring, waar trekt België dan precies de grens — en wordt die grens voor iedereen op dezelfde manier toegepast?